Shopping Cart
Your Cart is Empty
Quantity:
Subtotal
Taxes
Shipping
Total
There was an error with PayPalClick here to try again
CelebrateThank you for your business!You should be receiving an order confirmation from Paypal shortly.Exit Shopping Cart



Ria Brood Senioren Advies & Beschermingsbewind

tevens h.o.d.n. BCBM

Blog

view:  full / summary

Aangifte Inkomstenbelasting 2017

Posted on February 28, 2018 at 5:10 AM Comments comments (24)


Het is weer tijd om de aangifte inkomstenbelasting 2017 in te vullen. 

Mocht u vragen hebben of heeft u hulp nodig? Neem dan contact met ons op. 

Wij zijn bereikbaar op telefoonnr. 076-5034169 of via de website www. riabroodseniorenadvies.info.



Budgetbeheer effectief middel tegen terugval in schulden

Posted on May 15, 2017 at 11:40 AM Comments comments (5)

 


Hoe groot is de kans dat mensen terugvallen in schulden nadat ze met succes een schuldentraject hebben doorlopen? Best groot, schrijven Robert Scholte en Lucy Kok in Sociaal Bestek. Vier jaar na afronding van het traject zijn er bovengemiddeld veel betalingsachterstanden. Om dit te voorkomen, zou er meer ingezet moeten worden op budgetbeheer.

Scholte en Kok constateerden dat het aantal mensen in een schuldentraject de afgelopen jaren flink is gestegen. Zo steeg het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening bij leden van de Vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren (NVVK) tussen 2010 en 2015 van 44.100 naar 90.400. Van deze mensen rondde ongeveer twee derde het traject succesvol af. In 2015 waren er echter ook 5.200 personen die zich na afloop van een eerder traject opnieuw meldden bij schuldhulpverlening. Daarom vroegen de twee auteurs zich af wat er gebeurt met schuldenaren die met succes een schuldentraject afronden en welk beleid kan helpen bij het voorkomen van terugval in schulden.

Schuldentraject

‘Ik volg nu voor de tweede keer een schuldentraject. De oorzaak van mijn schulden is steeds dezelfde. Ik heb een slechte positie op de arbeidsmarkt. Ik ben 45 jaar en heb nog nooit een vaste baan gehad. Soms heb ik een tijdje (uitzend)werk en dan weer niet. Dan beland ik in de WW. Na beëindiging van het eerste traject moest ik aan mijn duim geopereerd worden en belandde ik in de Ziektewet.’

 

Zwakke positie

Dit verhaal, dat één van de geïnterviewde aan Scholte en Kok vertelde, is volgens hen exemplarisch: ‘Degenen die een schuldentraject doorlopen, hebben een zwakke positie op de arbeidsmarkt en een hoge uitkeringsafhankelijkheid. Zij zijn relatief vaak alleenstaand, laagopgeleid en niet-westers allochtoon.’ Schuldenproblematiek ontstaat volgens de auteurs vaak na incidentele, grote gebeurtenissen zoals scheidingen, een achteruitgang in gezondheid en het verlies van een baan.’

Risicofactoren

Een kwetsbare inkomenssituatie is één van de risicofactoren voor schuldenproblematiek. Ook mensen die sterk afhankelijk zijn van overheidstoeslagen zijn kwetsbaar. Deze toeslagen worden op basis van een voorschot uitbetaald. Dat uitgekeerde bedrag is gebaseerd op het geschatte inkomen en kan teruggevorderd worden als het daadwerkelijk inkomen hoger uit blijkt te vallen. Als iemand bijvoorbeeld een baan vindt, wordt het geschatte inkomen naar boven bijgesteld, dalen de volgende toeslagen en worden eerder ontvangen toeslagen deels teruggevorderd. Zo leidt een positieve, onvoorziene situatie tot schulden aan de overheid.

 

Onbekwaamheid

Tot slot kunnen verschillende vormen van onbekwaamheid leiden tot schulden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen financiële, bureaucratische en psychologische onbekwaamheid. Onvoldoende financiële bekwaamheid duidt op een gebrek aan inzicht in de financiële situatie. Bureaucratische onbekwaamheid duidt op het niet adequaat om kunnen gaan met overheidsinstanties en banken wat kan leiden tot het niet gebruiken van voorzieningen als zorg- en huurtoeslag. Psychologische onbekwaamheid slaat op schadelijk gedrag zoals een gokverslaving en het niet kunnen voeren van een gedisciplineerde financiële huishouding vanwege impulsuitgaven.

Dienstverlening

Maar wat kan nu helpen om terugval in de schulden te voorkomen? Op dit moment worden door gemeenten verschillende middelen ingezet, zowel tijdens als na het traject. Deze dienstverlening bestaat uit:

 

Vroegsignalering van het risico op schulden, onder andere in samenwerking met woningbouwcorporaties en telecomaanbieders.

Het verbeteren van de financiële situatie, bijvoorbeeld ondersteuning bij het aanvragen van toeslagen.

Het verhogen van de financiële zelfredzaamheid, bijvoorbeeld door budgetcursussen aan te bieden.

Budgetbeheer, oftewel het overnemen van de verantwoordelijkheid over de financiële administratie.

Budgetbeheer

Uit onderzoek van Scholte en Kok blijkt dat budgetbeheer tijdens een schuldbemiddelingstraject effectief is in het tegengaan van terugval in schulden na het succesvol doorlopen van het traject. Budgetbeheer is effectief voor mensen die onvoldoende bekwaam zijn om hun financiële administratie te voeren en voor mensen die moeite hebben financiële discipline te houden. ‘Bij budgetbeheer moeten personen rondkomen van een klein budget. Voor elke extra uitgave is toestemming nodig. Daardoor is er minder ruimte voor impulsuitgaven.’

 

Zelfredzaamheid

Dit geeft mogelijk een dusdanige drempel dat er een preventieve werking vanuit gaat. Daarnaast wordt het verlies in zelfstandigheid volgens Scholte en Kok mogelijk als dusdanig negatief ervaren, dat het mensen later weerhoudt om nieuwe schulden aan te gaan. Budgetbeheer gaat ook vaak samen met begeleiding. Tijdens gesprekken met hulpverleners wordt er bijvoorbeeld geprobeerd de zelfredzaamheid van schuldenaren te vergroten.

Bron: artikel in Sociaal Bestek

Cliënten verdwalen in langdurige zorg

Posted on May 15, 2017 at 11:35 AM Comments comments (3)

Wie langdurige zorg nodig heeft, loopt regelmatig tegen allerlei problemen aan. Dat blijkt uit een onderzoek door Patiëntenfederatie Nederland, Ieder(in) en MIND Landelijk Platform Psychische Gezondheid. Zo hebben mensen moeite de juiste weg en toegang te vinden voor hun zorgvraag, vinden ze niet altijd alle informatie en hebben ze last van onlogische overgangen tussen Wlz, Zvw, Wmo en jeugdzorg.

Aan het onderzoek werkten bijna vierhonderd mensen (of naasten van) mee die langdurige zorg gebruiken uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), jeugdwet, Wet langdurige zorg (Wlz) en/of Zorgverzekeringswet (Zvw). Met ouderen, mensen met een beperking en mensen met een ernstige psychiatrische aandoening is gesproken over hun ‘route’ naar langdurige zorg, keuzemomenten en de ontvangen en gewenste informatie en ondersteuning.

Passende zorg

In het onderzoek kwam naar voren dat het regelen van passende zorg ingewikkeld is. ‘Mensen zoeken lang naar het juiste loket of laten een professional alles regelen, waardoor eigen keuzes minimaal zijn. Informatie over mogelijkheden, keuzes en hoe dingen te regelen is onvindbaar en onbegrijpelijk voor mensen.’ Verder gaven respondenten aan dat professionals en instanties vooral kennis hebben over hun eigen domein, maar niet over andere mogelijkheden en domeinen die voor cliënten wel relevant kunnen zijn. ‘Hierdoor krijgen mensen onvolledige informatie of worden naar verkeerde instanties doorgestuurd.’

Onlogische stelselovergangen

Dat het zorgstelsel is onderverdeeld in Wlz, Zwv, Wmo en jeugdwet, met allemaal eigen criteria, zorgt voor onbegrip en voor onnodig lastige routes. ‘De respondenten geven aan dat de momenten waarop men keuzes maakt afhankelijk zijn van individuele situaties en niet van het stelsel. Hierdoor ontstaan voor mensen onlogische stelselovergangen die ook in het nadeel van mensen kunnen werken.'

Vanaf 2015 is in Nederland een grote verandering in de langdurige zorg doorgevoerd, met veel ophef in het politieke en maatschappelijke debat. Hoe gaat het nu écht na alle veranderingen? Jan Coolen maakte de tussenstand op. Lees meer >>

Bewust of onbewust onbekwaam

‘Mensen zijn regelmatig bewust of onbewust onbekwaam.’ Dat stellen de onderzoekers. Respondenten weten niet welke keuzemogelijkheden ze hebben, hoe ze passende zorg kunnen regelen en wie hen daarbij kan helpen. ‘Mensen willen weten welke mogelijkheden ze hebben, hoe ze het regelen, wat consequenties zijn van keuzes, wat er beschikbaar is in de regio en vergelijkingsinformatie. Het liefst vindbaar op een plek met een website en telefoonnummer.’

Onafhankelijke cliëntondersteuner

Tot slot hebben alle drie de groepen (ouderen, mensen met een beperking en mensen met een ernstige psychiatrische aandoening) behoefte aan iemand die hen tijdens het hele traject ondersteunt bij het maken van keuzes. ‘Iemand met kennis van de gehele route en die mee kan denken met de persoonlijke situatie en kan doorverwijzen naar de juiste instanties. De onafhankelijke cliëntondersteuner heeft deze functie momenteel binnen de Wmo en Wlz. De meeste mensen kennen de onafhankelijk cliëntondersteuner niet.’

Aanbevelingen

Om te komen tot een verbeterde situatie, doen de onderzoekers drie aanbevelingen. Ten eerste moet de mens centraal gesteld worden. ‘De vraag van de mensen en naasten die zorg nodig hebben zou het uitgangspunt moeten zijn en niet hoe het stelsel georganiseerd is.’ Daarbij moeten professionals en organisaties/loketten waar cliënten gebruik van maken meer domeinoverstijgend gaan denken. Ten tweede is het van belang dat informatie duidelijk en vindbaar is. ‘Het is belangrijk dat informatie aansluit op de wensen van (naasten van) mensen die zorg nodig hebben. Daarnaast dat de informatie vindbaar is op plekken waar mensen al komen. Tevens hebben mensen behoefte aan het vinden van alle informatie op een centrale plek.’ Tot slot zouden de onderzoekers graag zien dat de cliëntondersteuner een meer zichtbare rol krijgt. ‘Zorgkantoren en gemeenten moeten samenwerken en investeren in ondersteuners die met mensen meedenken, het stelsel kennen, mensen volledig informeren en te vinden zijn voor mensen op de juiste 

Zorg en Welzijn, Sophie van Hogendorp


Huurprijzen in Etten-Leur gemiddeld 0,3% omhoog

Posted on May 1, 2017 at 1:50 PM Comments comments (2)

Woonstichting Etten-Leur (WEL) past elk jaar op 1 juli haar huurprijzen aan met een bepaald percentage. Ook dit jaar vindt deze aanpassing plaats, maar die is op advies van de Huurders Belangen Vereniging (HBV) anders dan voorheen. De gemiddelde huurstijging komt uit op 0,3 procent.

 

WEL en de HBV hebben gezamenlijk besloten om bij het bepalen van de huurverhoging in 2017 niet langer de inkomens van huishouders als maatstaf te gebruiken. Dit jaar bepaalt het verschil tussen de huidige kale huurprijs en de streefhuurprijs van een woning voor het eerst de hoogte van de huuraanpassing. Naarmate de te betalen huur dichter bij de streefhuur ligt, is de huurverhoging lager.

 

Streefhuurprijs

De streefhuurprijs is de huurprijs die WEL voor een woning vraagt, wanneer die opnieuw verhuurd wordt. Deze prijs kan afwijken van die van de buren, ook al is die woning (nagenoeg) gelijk. In de afgelopen periode heeft WEL veel streefhuurprijzen aangepast naar aanleiding van de Prestatieafspraken die zij maakten met de HBV en de gemeente Etten-Leur. Door die aanpassing moeten ook in de toekomst voldoende betaalbare woningen beschikbaar zijn.

 

Kaders

In veel gevallen is de streefhuur hoger of lager dan de huur die nu betaald wordt. Is de huidige huurprijs gelijk of hoger dan de streefhuur, dan wordt de huur niet verhoogd. Wanneer de huidige huurprijs lager is dan de streefhuur, dan ontvangt de huurder wel een huurverhoging. Die verhoging is – na overleg met de HBV – bepaald op percentages die liggen tussen 0 en 0,6 procent. Voor alle sociale huurwoningen van WEL komt hiermee de gemiddelde huurstijging uit op 0,3 procent. Hiermee voldoet WEL ruimschoots aan de landelijke kaders.

 

Commercieel

Voor het beperkt aantal commerciële huurwoningen dat WEL en WEL Diensten BV nog in haar bezit heeft, zijn WEL en de HBV een gemiddelde huurstijging overeengekomen van 1,5 procent, waarvan 0,3 procent inflatie, met een differentiatie tussen langer zittende huurders en huurders die pas vanaf 1 januari 2015 in deze woningen wonen.


ADMINISTRATIEVE VERPLICHTING IS ERGERNIS VAN VEEL PGB-HOUDERS -

Posted on January 23, 2017 at 10:40 AM Comments comments (7)

Meer dan zestig procent van de mensen met een persoonsgebonden budget (pgb) vindt de administratieve verplichtingen belastend. Iedereen die gebruikt maakt van de regeling moet daar zelf papierwerk voor invullen en bijhouden. Deze regels zijn echter veelal onduidelijk of ingewikkeld. Dit blijkt uit onderzoek van belangenorganisatie Per Saldo, zo meldt Skipr.

Uit het onderzoek onder ruim 900 pgb-houders bleek dat er meerdere factoren zijn die de administratie bemoeilijken. Zo verandert de zorg voortdurend, heeft men te maken met herindicaties en ook de combinatie van meerdere pgb’s lijkt moeilijk. Daarnaast neemt het aantal momenten waarop iemand administratieve verplichtingen heeft steeds verder toe. Ook weigeren gemeenten regelmatig om een pgb te vertrekken, wat tot extra papierwerk leidt wanneer de aanvraag opnieuw ingevuld moet worden.

 

Naast de administratieve lasten die pgb-houders ervaren, stellen sommigen dat zij niet goed zijn geïnformeerd over het persoonsgebonden budget en wat daar bij komt kijken. Zo is binnen de Jeugdwet 60 procent van de ouders niet ingelicht over het feit dat er ondersteuning beschikbaar is voor het aanvragen en het beheren van een pgb. Van de pgb-houders die daar wel over zijn geïnformeerd, maakt ongeveer de helft ook daadwerkelijk gebruik van deze ondersteuning.

 

Met de decentralisatie van zorg geeft ongeveer 40 procent van de ondervraagden aan dat zij achteruit zijn gegaan in hun voorzieningen. Zij ervaren volgens de resultaten van het onderzoek een mindere kwaliteit van leven. Echter zegt een kwart van de deelnemers dat de huidige zorg juist beter aansluit bij hun zorgbehoefte. Het pgb lijkt voorlopig echter de beste manier om deze zorg te regelen. “Het pgb is vooralsnog het enige instrument dat het mogelijk maakt om zelf aan het roer te staan van de zorg en ondersteuning”, zegt belangenorganisatie Per Saldo.

 

 

Door: Redactie Nationale Zorggids

Opleiding Bewindsvoering

Posted on January 23, 2017 at 10:20 AM Comments comments (3)

In maart  begin ik met de opleiding bewindsvoering. Wat houdt dat precies in?

Sommige mensen kunnen hun belangen zelf niet goed behartigen. Om deze mensen en hun vermogen te beschermen, kent de wet een aantal maatregelen:

  • Curatele
  • Bewind
  • Mentorschap
In een aantal situates is curatele een te ingrijpende matregel. Voor deze personen zou ee rechter kunnen beslissen om een gedeelte van hun vermogen (of hun hele vermogen) onder bewind te stellen.
Dit gebeurt met name als iemand als gevolg vab zijn lichamelijke en/of geestelijke toestand tijdeliujk of voor langere tijd niet in staat is zijn of haar financiële belangen volledig waar te nemen. Men kan hierbij denken aan mensen die in een verpleeghuis verblijven en door hun ouderdom niet meer volledig in staat zijn hun financiën te regelen. 


Onafhankelijke cliëntondersteuning hard nodig

Posted on January 9, 2017 at 1:25 PM Comments comments (3)

Onafhankelijke individuele cliëntondersteuning is een vorm van steun voor alle inwoners in Nederland die hulp willen bij het formuleren van hun hulpvraag. Helaas is deze cliëntondersteuning vaak niet of gebrekkig georganiseerd. Wat is onafhankelijke cliëntondersteuning? Waarom is deze belangrijk? En hoe zou deze er idealiter uit moeten zien? Sociaal Bestek zocht het uit.

Mensen die het zelf niet (meer) redden, kunnen een beroep doen op de overheid. Maar in de praktijk is het voor hen erg onduidelijk wat zij kunnen vragen, óf ze wel iets kunnen vragen, wáár zij moeten zijn en hoe zij hulp moeten vragen. Soms weten ze niet goed te formuleren welke ondersteuning ze nodig hebben. Soms spelen schaamte of vraagverlegenheid een rol, soms ook onmacht door laaggeletterdheid, beperkingen of gefrustreerdheid door eerdere afwijzingen of ervaren onbegrip. Het kan óók zijn dat mensen ergens toe verplicht worden, bijvoorbeeld een re-integratietraject naar betaald werk, wat niet bij hun leven of gezondheid past. Ze weten dat vaak niet goed duidelijk te maken, uit angst dat dit de gevolgen heeft voor hun recht op uitkering.

Eigen regie

De vraag om onafhankelijke individuele cliëntondersteuning speelt als iemand een beroep wil doen op steun van de overheid. Als die persoon er zelf niet uitkomt of kwetsbaar is. Deze ondersteuning stelt burgers in staat regie over hun leven te nemen, waardoor zij beter in staat zijn het gesprek met instanties te voeren. De cliënt kan beter zijn hulpvraag formuleren en laat zich niet zo snel aan de kant. De verhouding tussen hulpvrager en uitvoerende instelling wordt zo meer gelijkwaardig. Ook voor de uitvoerder is het prettig als iemand zelf kan formuleren hoe hij wil participeren en welke hulp hij daarbij nodig heeft.

 

Wmo

Volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 moet de gemeente zorgdragen voor de onafhankelijke cliëntondersteuning voor al haar inwoners in het hele publieke domein. Cliëntondersteuning is volgens de Wmo: ‘Onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen.’

 

Wijkteams

De Wmo 2015 is nu al bijna twee jaar van kracht. Op basis van diverse rapporten blijkt dat de cliëntondersteuning moeilijk van de grond komt. Veel gemeenten worstelen met de invulling. De cliëntondersteuning is vaak ondergebracht bij wijkteams en is daarom niet onafhankelijk. Er wordt niet (actief) gewezen op de mogelijkheid van de cliëntondersteuning. Als er al cliëntondersteuning is, heeft die vooral betrekking op zorg. Gemeenten gaan er te gemakkelijk vanuit dat vrijwilligersorganisaties invulling geven aan onafhankelijke cliëntondersteuning. Er zijn gemeenten die MEE of Zorgbelang inhuren voor cliëntondersteuning als het om de meer complexe vragen gaat, maar het is niet bekend of dit aanbod aansluit op de vragen van burgers.

Het 5P model

Het goed organiseren van cliëntondersteuning is niet eenvoudig. Gezien de grote diversiteit in de doelgroep en vele beleidsvelden is het de vraag: wat voor deskundigheid en kwaliteit moet in die functie worden ondergebracht? Waar positioneer je die dienst? Het draait allemaal om personen waarop het product, de prijs, de plaatsbepaling en de promotie worden gericht: het bekende 5P model uit de marketing. Dit model kan helpen bij goede totstandkoming van onafhankelijke cliëntondersteuning.

 

Personen

Uiteraard moet de vraag van personen centraal staan en dat is op dit moment nog onvoldoende het geval. Die vragen zijn breed en de doelgroep is divers. Het is van belang een goed overzicht te krijgen van die (potentiële) vraag zodat product, promotie en plaatsbepaling vorm kunnen krijgen.

 

Product

Wat houdt dat in, het product onafhankelijke cliëntondersteuning? De wetgever heeft een aantal specificaties bepaald: het verkrijgen van informatie, advies en ondersteuning bij aanvraag. Korte interventies om verder te kunnen.

 

Kwaliteit

De ondersteuning moet kwalitatief goed zijn. Dat wil zeggen: mensen krijgen tijdig goede informatie, adviezen en hulp bij het doen van aanvragen. Met als toegevoegde waarde dat mensen vinden dat zij hun vraag beter kunnen stellen en meer regie op hun leven hebben. Op basis hiervan moeten kwaliteitsnormen worden benoemd en gemonitord om goed te blijven inspelen op de vragers. Een goede registratie van vragen, de doorlooptijd en de waardering is hierbij van belang. Vaardigheid voor vraagverduidelijking is een vereiste. Zorgen dat de cliëntondersteuning laagdrempelig en toegankelijk is voor mensen met beperkingen ook.

 

Prijs

Er is budget beschikbaar gesteld om gratis cliëntondersteuning vorm te geven. Hoe gemeenten deze dienst in moeten kopen bepalen zij zelf, het gaat er vooral om wát ze inkopen. Gemeenten moeten goede afspraken maken en die zo monitoren dat zij de bestedingen kunnen verantwoorden.

 

Promotie

Voor een optimaal beroep op de cliëntondersteuning, is goede promotie van belang. In de praktijk weten weinig mensen de weg te vinden naar de cliëntondersteuning. De vindbaarheid moet worden verbeterd. Gemeente en andere instanties moeten veel actiever voorlichting geven en zich niet beperken tot zorg. En de dienst moet herkenbaar zijn voor álle doelgroepen

 

Plaats

Waar wordt de dienstverlening geplaatst, zodat die goed vindbaar, bereikbaar en laagdrempelig is? Een multi-channel benadering zou kunnen helpen. Een apart gebouw kan daarin passen, maar nooit alleen. Ook outreachende spreekuren bij instellingen voor dak- en thuislozen, wijkcentra of de bibliotheek behoren tot de mogelijkheden. Het is zelfs mogelijk om de ondersteuning een plek te geven in overheidsgebouwen waar de potentiële vragers komen, mits er de gelegenheid is om zich apart en onafhankelijk te positioneren. Het is belangrijk dat cliënten via een website en een telefoonnummer gemakkelijk contact kunnen maken voor een afspraak.

Bron: Zorg+Welzijn 28-12-2016

NIEUW LENINGSVORM ZORGT ERVOOR DAT OUDEREN LANGER THUIS KUNNEN BLIJVEN WONEN

Posted on November 28, 2016 at 1:30 PM Comments comments (2)

Een nieuwe vorm van lenen: de Blijverskening

Enkele gemeenten verstrekken sinds kort een zogenoemde blijverslening. Dat is een lening voor ouderen die langer zelfstandig in hun eigen huis willen of moeten blijven wonen. Met het geld kunnen ze hun woning aan hun zorgbehoeften aanpassen. De eerste blijversleningen zijn inmiddels verstrekt. Dat meldt NOS.

Met de blijverslening kunnen ouderen die langer thuis willen blijven wonen bijvoorbeeld drempels in huis weg laten halen of een traplist laten plaatsen. Ouderen die in aanmerking willen komen voor zo’n blijverslening moeten dat via hun gemeente regelen. De gemeenten stellen vast wie een lening krijgt en hoeveel. Het beheer van het geld is in handen van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting.

 

 

Elf gemeenten voeren de nieuwe regeling inmiddels al uit, waaronder in Hoogeveen, Nieuwegein, Delfzijl en Veenendaal. Ongeveer honderd staan er voor open. Ouderenorganisatie ANBO denkt dat een dergelijke blijverslening hard nodig is voor ouderen die zo lang mogelijk zelfstandig thuis moeten blijven wonen. “Er zijn heel weinig alternatieven. Grote banken verstrekken geen lening als het inkomen laag is. Als iemand alleen leeft van de AOW dan mag de hypotheek niet worden verstrekt”, zegt een woordvoerder van de ANBO.


Overzicht premies zorgvezekeringen 2017

Posted on November 22, 2016 at 3:00 PM Comments comments (2)

Nu alle zorgpremies voor volgend jaar bekend zijn kunnen verzekerden starten met vergelijken. Eén ding is duidelijk: alle zorgpremies stijgen in 2017. Sommige premies met 10 procent, en andere premies met slechts 5 procent.

De grootste premiestijging is van Menzis. Verzekerden betalen daar volgend jaar 119 euro in plaats van 107 euro. De laagste zorgpremie voor volgend jaar is bij ZEKUR. ZEKUR is echter een budgetpolis. Dit houdt in dat verzekerden bij geplande behandeling een beperkte keuze hebben van ziekenhuizen en apothekers. Acute zorg wordt wel vergoed.

Overzicht premies 2017

 

In onderstaand overzicht is te zien: de premie van dit jaar, de premie van volgend jaar en de premiestijging te zien van bijna alle zorgverzekeraars. In alle gevallen (op de basisverzekering van Delta Lloyd na) gaat het om naturapolissen.

 

Zorgverzekeraar Premie 2016 Premie 2017 Stijging %

Menzis 107,00 119,00 11%

VGZ * 107,95 112,95 4,6%

CZ 1 104,95 112,85 7,5%

Zilveren Kruis 109,45 117,45 7,4%

DSW 98,75 108,00 9,4%

OHRA 96,95 104,55 7,8%

Univé 107,00 113,25 5%

ZEKUR 86,00 92,00 7%

De Friesland 106,50 114,95 7,9%

Zorg en Zekerheid 102,18 110,15 7,8%

ONVZ 106,64 115,91 8,7% 

FBTO 94,26 103,50 9,8%

Delta Lloyd ** 107,50 115,83 7,75%

* UnitedConsumers biedt tot 10 procent korting op basisverzekeringen van VGZ. 

** De basisverzekering van Delta Lloyd is een restitutiepolis


Door: Redactie Nationale Zorggids


 


OUDEREN BLIJVEN STEEDS VAKER TE LANG THUIS WONEN'

Posted on October 20, 2016 at 3:05 PM Comments comments (2650)

Ouderen blijven steeds vaker te lang thuis wonen. Ook als het eigenlijk niet meer gaat, proberen ze het te redden met thuiszorg. Vaak leidt dit tot opname op de spoedeisende hulp (SEH), ziet Ben van Gent, bestuurder van thuiszorgorganisatie Florence. Ook brancheorganisatie ActiZ erkent dit probleem. Dat meldt het Algemeen Dagblad.

Volgens de richtlijn van de zorgverzekeraars moet iemand die meer dan 12 uur thuiszorg ontvangt naar een verpleeghuis. Senioren willen de laatste tijd steeds langer thuis blijven wonen. Zorgorganisatie Florence levert thuiszorg aan meer dan 5.000 mensen, waarvan 300 op of over de norm van 12 uur per week zitten. Ouderen willen best naar een verpleeghuis, maar vinden het te duur, weet de thuiszorgorganisatie. Een verpleeghuis kost aanzienlijk meer dan thuiszorg. Daarom vragen senioren extra thuiszorg aan. Omdat het aantal uren zorg per cliënt toeneemt, ontstaan er wachtlijsten.

 

“We moeten wel eens iemand doorverwijzen. Door personeelstekorten kunnen we ook niet direct uitbreiden”, zegt Van Gent. Niet alleen Florence, maar ook huisartsen bijvoorbeeld worden zwaarder belast doordat ouderen vaker bij hen komen met complexe zorgvragen. Deze zorgvragen konden normaal gesproken gesteld worden in een verpleeghuis. De huisartsen zien ook dat de ouderen steeds vaker op de SEH belanden.

 

ActiZ benadrukt dat een verpleeghuis een belangrijk en veilig alternatief is als thuis wonen niet meer mogelijk is. De brancheorganisatie wil dat iedereen naar een verpleeghuis kan als dat nodig is. “Als de hoge eigen bijdrage de beweging afremt, is dat geen goede zaak. De juiste zorg moet op de juiste plek worden geboden”, aldus een woordvoerder van ActiZ. Het ministerie van Volksgezondheid is inmiddels op de hoogte gesteld van het probleem. Echter denkt het ministerie niet dat ouderen de eigen bijdrage te hoog vinden.

 

In een toelichting laat het ministerie weten dat mensen zo lang mogelijk thuis wíllen blijven wonen. Bovendien is het een zeer ingrijpende stap om te verhuizen naar een verpleeghuis. De eigen bijdrage is niets nieuws in de verpleeghuiszorg, zelfs onder de AWBZ was dit al zo. Ook ouderenorganisatie ANBO denkt niet dat het ouderen om het geld te doen is. Volgens de ANBO gaat het erom dat ouderen een verpleeghuis als eindstation zien en daar nog niet klaar voor zijn.

 

Door: Redactie Nationale Zorggids


Rss_feed

0